Alcoholgebruik geeft bij het ouder worden ongemerkt steeds meer risico’s. Veel ouderen zijn zich daar onvoldoende bewust van. De cijfers liegen er helaas niet om.
Wat zie je als je verder kijkt dan het alcoholgebruik?

Juist bij ouderen kunnen veranderingen in het leven een rol spelen. Denk aan pensionering, verlies van een dierbare, ziekte of eenzaamheid. Maar ook meer vrije tijd, financiële ruimte of de behoefte aan gezelligheid kunnen van invloed zijn. Tegelijkertijd kunnen gezondheid, medicijngebruik of de wens om gezond ouder te worden juist redenen zijn om minder of helemaal niet te drinken.
Dat maakt één ding belangrijk: vul het verhaal van je cliënt niet zelf in.
Van signaleren naar nieuwsgierig zijn
Natuurlijk zijn er omstandigheden waarbij extra alertheid zinvol is. Maar een risicofactor vertelt je nog niet waarom deze cliënt drinkt. Daar kom je alleen achter door te vragen. Wat betekent alcohol voor iemand? Op welke momenten ontstaat behoefte aan een drankje? Wat is er veranderd in iemands leven? En minstens zo belangrijk: wat helpt iemand om níét te drinken?
Daar kunnen verrassend concrete aanknopingspunten uit voortkomen. Ouderen noemen bijvoorbeeld steun van een partner, vriend of familielid als hulp bij minderen of stoppen.
Drie takeaways voor je volgende gesprek
- Zie een risicofactor als aanleiding om te vragen, niet als verklaring.
- Vraag niet alleen naar het alcoholgebruik, maar ook naar wat alcohol iemand brengt.
- Onderzoek ook wat er al goed gaat: wanneer drinkt iemand niet en wie of wat helpt daarbij?
Zo verschuift de aandacht van ‘Waarom drinkt deze cliënt?’ naar ‘Wie is deze persoon, en welke plek heeft alcohol in zijn of haar leven?’
Microlearning
Wil je onderzoeken welke aannames jij zelf meeneemt in zo’n gesprek? Volg dan de microlearning.