doen

ASSIP bij suïcidaliteit

ASSIP is een kortdurende therapie voor cliënten die na een zelfmoordpoging in behandeling zijn. Het wordt aangeboden als aanvullende therapie op de gebruikelijke klinische behandeling.
Bert van Luyn

ASSIP staat voor het Attempted Suicide Short Intervention Program. De behandelmethode is gebaseerd op een patiëntgericht model van suïcidaal gedrag, met een sterke nadruk op de therapeutische relatie.

 

Drie sessies

Het therapieprotocol is zeer gestructureerd en bestaat uit drie persoonlijke sessies, gevolgd door regelmatige brieven aan de patiënten.

Deze kortdurende behandeling is bedoeld voor mensen die een suïcidepoging hebben meegemaakt. De therapie richt zich op het opbouwen van een goede samenwerking tussen behandelaar en cliënt.

 

Doel

Het doel van de interventie is: het voorkomen van nieuwe suïcidepogingen door inzicht te krijgen in het persoonlijke verhaal en de kwetsbaarheden van de cliënt. De therapie is zeer kort en bestaat doorgaans uit slechts drie tot vier sessies.

 

Werkwijze

De werkwijze is als volgt:

  • Sessie 1: Een narratief interview waarin de cliënt zijn of haar verhaal vertelt. Dit gesprek wordt op video opgenomen.
  • Sessie 2: Het gezamenlijk terugkijken van de video-opname om patronen en triggers te herkennen.
  • Sessie 3: Het opstellen van een schriftelijke casusformulering en een concreet veiligheidsplan met preventieve strategieën.

 

Microlelarning

In deze microlearning legt klinisch psycholoog Bert van Luyn uit hoe ASSIP werkt.